Het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten (het BOA-decreet) kent aan lokale besturen een centrale regierol toe in de uitbouw van een geïntegreerd buitenschools aanbod. De lokale besturen staan voor de opdracht om een toegankelijk, kwaliteitsvol en inclusief aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten te realiseren voor alle kinderen en gezinnen.
Het lokaal bestuur vervult daartoe de volgende opdrachten:
1° het ontwikkelen van een lokaal beleid dat rekening houdt met de doelstellingen en dat deel uitmaakt van de meerjarenplanning.
2° het beslissen over de besteding en de verdeling van de beschikbare financiële, personele, logistieke en infrastructurele middelen, waaronder de subsidie.
3° de erkenning, het toezicht en de handhaving met betrekking tot het lokaal aanbod van buitenschoolse activiteiten.
Het lokaal bestuur Gavere start op 1 september 2026 met de effectieve uitvoering van het BOA-decreet.
Het verdelen van de beschikbare financiële middelen kadert binnen deze decretale bevoegdheden en vormt een noodzakelijke stap voor een consistente en transparante uitvoering van het BOA-decreet op lokaal niveau.
De erkenning van de actoren, de nulmeting van de kwaliteit per erkende locatie aan de hand van een zelfevaluatie en de middelen voor 2026 vormen een belangrijke impuls om vanaf 2027 over te stappen naar een toelagereglement met een deels vaste en deels variabele werkingstoelage, gericht op groei in kwaliteit volgens de zes verplichte pijlers. Dit reglement wordt momenteel uitgewerkt in samenwerking met het lokaal samenwerkingsverband BOA en zal in het najaar ter goedkeuring aan de gemeenteraad worden voorgelegd voor 2027 en de daaropvolgende jaren.
Het lokaal samenwerkingsverband verleende positief advies over de voorliggende ontwerpstukken in de zitting van 27 februari 2026.
De kredieten zijn gekoppeld aan de prioritaire actie A020303 Ontwikkelen van een kwalitatief en geïntegreerd beleid rond buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) voor alle kinderen en gezinnen.
| Doelstelling en toepassingsgebied | |
| Art. 1: | Dit reglement regelt het recht op een BOA-toelage 2026 voor erkende organisatoren van buitenschoolse opvang op het grondgebied van Gavere. Via dit reglement wordt financiële ondersteuning geboden voor acties die bijdragen aan de zes kwaliteitspijlers van het lokale erkenningskader BOA. |
| Art. 2: | Dit reglement is van toepassing op organisatoren van schoolopvang. Het recht:
|
|
Aanwending |
|
| Art. 3: | De BOA-toelage wordt aangewend om de buitenschoolse opvang verder voor te bereiden op een meer kwaliteitsvolle, duurzame en samenhangende werking. De toelage kan ingezet worden voor acties die bijdragen aan één of meerdere van de zes kwaliteitspijlers opgenomen in het erkenningskader BOA:
|
| Art. 4: |
De middelen worden uitsluitend ingezet voor de buitenschoolse opvang voor- en naschools, op woensdagnamiddag en op schoolvrije dagen. |
| Art. 5: |
De erkende organisator betrekt medewerkers en gebruikers bij keuzes die impact hebben op de werking en kwaliteit van de buitenschoolse opvang en maakt deze participatie aantoonbaar bij rapportage.
|
|
Procedure |
|
| Art. 6: |
Voor 2026 wordt een totaal budget van € 70.000 voorzien. Het jaarlijkse budget voor de werkingstoelage wordt verdeeld over de goedgekeurde erkenningsaanvragen. De BOA-subsidie wordt forfaitair verdeeld op basis van:
|
| Art. 7: |
De gemeente:
|
|
Toezicht en handhaving |
|
| Art. 8: |
De erkende organisator:
|
| Art. 9: |
De wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen is integraal van toepassing. Het college van burgemeester en schepenen is belast met de uitoefening van de controle(s) bedoeld in de wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen en behoudt het recht:
|
|
Slotbepalingen |
|
| Art. 10: |
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van onderhavig reglement. |
| Art. 11: |
Onderhavig reglement treedt in werking op 01 april 2026 en eindigt op 31 augustus 2027. |
| Art. 12: | Onderhavige beslissing wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur. De toezichthoudende overheid wordt in kennis gesteld overeenkomstig de bepalingen van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur.
|
| Art. 13: | Een afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan:
|