De voorzitter opent de zitting op 22/06/2026 om 21:35.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 32.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 277 en 278.
Elk lid van de raad voor maatschappelijk welzijn heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering. Als die opmerkingen door de raad voor maatschappelijk welzijn worden aangenomen, worden de notulen en het zittingsverslag in die zin aangepast.
Als er geen opmerkingen worden gemaakt over de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering worden de notulen en het zittingsverslag als goedgekeurd beschouwd en worden ze ondertekend door de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en de algemeen directeur.
| Art. 1: |
De notulen van de zitting van de OCMW-raad van 18 mei 2026 goed te keuren. |
| Art. 2: |
Het verslag van de zitting van de OCMW-raad van 18 mei 2026 goed te keuren. |
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 78 2e lid 8°, 171 en 219.
Besluit van het vast bureau van 15 juni 2026 houdende managementrapport 2026-1 - kennisname rapportering.
De algemeen directeur rapporteert jaarlijks aan de raad voor maatschappelijk welzijn en aan het vast bureau over de organisatiebeheersing. Het algemene kader van het organisatiebeheersingssysteem en de elementen daarin die raken aan de rol en de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn zijn onderworpen aan de goedkeuring van de raad voor maatschappelijk welzijn.
De algemeen en financieel directeur opteren ervoor om de rapportering in een geïntegreerd rapport, dat de structuur van het organisatiebeheersingssysteem volgt, aan te bieden.
| Art. 1: | Kennis te nemen van het managementrapport 2026-1, zoals gezien in bijlage. |
| Art. 2: | Kennis te nemen van de rapportering over de organisatiebeheersing, zoals vermeld in het managementrapport 2026-1, gezien in bijlage. |
| Art. 3: | Het algemeen kader van het organisatiebeheersingssysteem goed te keuren, zoals vermeld in het managementrapport 2026-1, gezien in bijlage. |
De oproep Lokaal Activeringspact 2024 had tot doel om lokale besturen die extra inspanningen leverden om (equivalent) leefloongerechtigden te activeren, financieel te ondersteunen en te stimuleren. De oproep beoogde een hogere uitstroom naar werk van (equivalent) leefloongerechtigden op Vlaams niveau. Daarom stelde de Vlaamse regering tijdelijk, voor de kalenderjaren 2024 en 2025, extra middelen ter beschikking van de lokale besturen die op deze oproep intekenden. De projectaanvraag werd, met afstemming en goedkeuring van VDAB, ingediend bij het Departement Werk en Sociale Economie (DWSE), afdeling Sociale Economie en Werkbaar Werk.
Het plan van aanpak bevatte acties rond het optimaliseren van de inschrijving bij VDAB, trajectbepaling activering, competentieversterking en het inzetten op doorstroom. Dit gold zowel voor betaalde tewerkstelling als voor opleidingen die de tewerkstellingskansen vergrootten. De acties vonden plaats tussen 1 december 2024 en 30 november 2025. Het uitstroomengagement omvatte een ambitie op vlak van het aantal leefloongerechtigden dat men kon en wilde laten uitstromen naar werk, bovenop de Vlaamse gemiddelde duurzame uitstroom naar werk van 20%. Voor Gavere kwam deze 20% overeen met 11 cliënten die duurzaam uitstroomden naar werk. De duurzame uitstroom naar werk werd enkel berekend voor personen die bij VDAB waren ingeschreven. Het ging om de meting van duurzame uitstroom van OCMW‑cliënten die gekend waren bij VDAB en die in een periode van vier maanden voorafgaand aan de maandelijkse meting gedurende 60 contractdagen aan het werk waren. De projectaanvraag omvatte ook een kostenoverzicht met een globale verantwoording van de opgevraagde kosten. Hiermee werd aangetoond dat de gemaakte kosten daadwerkelijk in verhouding stonden tot de geplande acties, zoals omschreven in het actieplan. Personeelskosten, werkingskosten en overheadkosten werden daarbij ingediend.
Voor de uitvoering van het project engageerde het lokaal bestuur zich om 12 leefloongerechtigden te activeren boven op het Vlaamse gemiddelde van 11 personen. Hiervoor werd een maximaal subsidiebedrag van 12.000 euro toegekend aan OCMW Gavere. Het engagement werd behaald, op 31 maart 2026 waren er 26 mensen duurzaam uitgestoomd naar werk.
Na afloop van het project dient het lokaal bestuur een inhoudelijke en financiële eindrapportering voor te leggen aan de raad voor maatschappelijk welzijn en het Departement Werk en Sociale Economie (DWSE), afdeling Sociale Economie en Werkbaar Werk.
| Art. 1: | De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de eindrapportering van het Lokaal Activeringspact 2024-2025 (LAP 2) bestemd voor het Vlaamse Departement voor Werk en Sociale Economie goed, zoals gezien in bijlage. |
| Art. 2: | Een afschrift van deze beslissing over te maken aan
|
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Op 17 oktober 2025, de Internationale Dag voor het Verzet tegen Armoede, lanceerde de Nationale Loterij de projectoproep “Armoedebestrijding voor kwetsbare gezinnen”, met bijzondere aandacht voor eenoudergezinnen. Met een totaalbudget van 2,5 miljoen euro wil de oproep projecten ondersteunen die kwetsbare gezinnen intensief begeleiden en hun zelfredzaamheid versterken via een holistische aanpak rond onder meer activering, financiën, gezondheid en huisvesting. Organisaties konden een subsidie aanvragen tot maximaal 80% van het projectbudget, met een plafond van 100.000 euro per jaar gedurende maximaal twee jaar, mits voorziening van 20% cofinanciering.
Binnen dit kader diende het OCMW Gavere het project “Samen Sterk: alleenstaande mama’s in Gavere” in, gericht op de ondersteuning van alleenstaande moeders met tieners in een kwetsbare situatie. Het project voorziet in intensieve individuele en collectieve begeleiding door een voltijdse casemanager, met bijzondere aandacht voor netwerkversterking, psychologische ondersteuning en sociale participatie. Door samenwerking met lokale partners en de structurele verankering binnen het Huis van het Kind wil het project bijdragen aan een duurzaam en geïntegreerd gezinsbeleid in Gavere.
De projectoproep werd afgesloten in december 2025 met meer dan 200 aanvragen. Na een evaluatieproces door een onafhankelijke en diverse jury werden finaal 21 projecten geselecteerd, verspreid over het volledige Belgische grondgebied. Op 12 maart 2026 ontving het lokaal bestuur de bevestiging dat de bevoegde minister, op basis van een gunstig advies van de jury van de projectoproep, een subsidie van € 72.000 heeft toegekend aan het project. Cofinanciering van het lokaal bestuur bedraagt maximaal € 20.000. Hoewel de subsidie oorspronkelijk voor twee jaar werd aangevraagd, werden door de Nationale Loterij enkel de projectkosten van één jaar weerhouden. Bijgevolg werd ook de looptijd van het project aangepast tot één jaar.
De toegekende projectsubsidie heeft betrekking op de periode van september 2026 tot en met augustus 2027. Voor de aanwending van de subsidies worden zowel personeelskosten als werkingskosten aanvaard.
Voorzichtigheidshalve werd de toelage niet opgenomen in het meerjarenplan. Er was bij de opmaak nog geen zekerheid over de toekenning en het finaal bedrag. Bijgevolg zijn ook nog geen uitgavekredieten opgenomen voor de besteding en verantwoording van de projectsubsidie.
Er wordt voorgesteld op een nieuwe actie toe te voegen aan het meerjarenplan 2026-2031 onder de doelstelling BD02 "Gavere, een ruggensteun voor jong en oud", actieplan AP0202 "Verlagen van onderbescherming".
De nodige kredieten worden voorzien bij de eerstvolgende meerjarenplanaanpassing.
| Art. 1: | De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de projectsubsidie van € 72.000 die de Nationale Loterij aan het OCMW Gavere heeft toegekend voor de periode 2026-2027 in het kader van de projectoproep “Armoedebestrijding voor gezinnen in kwetsbare situatie”. |
| Art. 2: | Deze projectsubsidie van € 72.000 wordt opgenomen in de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 en gekoppeld aan een nieuwe beleidsactie "Samen sterk: alleenstaande mama's in Gavere" verdeeld over de boekjaren 2026-2027 in overeenstemming met het projectvoorstel:
De cofinanciering van maximaal € 20.000 wordt opgenomen in de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan 2026-2031 en gekoppeld aan dezelfde beleidsactie verdeeld over de boekjaren 2026-2027 in overeenstemming met het projectvoorstel "Samen Sterk: alleenstaande mama's in Gavere":
|
| Art. 3: | Voor de besteding en de verantwoording van de projectsubsidie worden voor eenzelfde bedrag en aan dezelfde spreiding in de tijd werkingsmiddelen opgenomen onder beleidsactie "Samen sterk: alleenstaande mama's in Gavere". |
| Art. 4: | Afschrift van dit besluit over te maken aan
|
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 78 2e lid 11°.
Het OCMW is eigenaar van de woning Pontweg 89 te Asper. De woning is kadastraal gekend als Gavere, 6e afdeling, sectie A, nr. 280/R en heeft een kadastrale oppervlakte van 380 m².
Het OCMW kocht de woning op 9 mei 2006 van de heer Luc Dheuvaert. De verkoop werd gesloten onder bijzondere voorwaarden: de heer Luc Dheuvaert kreeg een levenslang recht op bewoning op voorwaarde dat hij bij het OCMW onder budgetbegeleiding bleef.
De woning werd op 1 januari 2008 in huur genomen bij het OCMW door het SVK Leie-Schelde, intussen ingekanteld in Woonmaatschappij Dimensa.
De heer Luc Dheuvaert ging onlangs in op een voorstel van Dimensa tot huur van een appartement in de Scheldestraat. Hij heeft de woning Pontweg 89 in april verlaten.
Het OCMW heeft op 9 februari 2026 de huurovereenkomst met Woonmaatschappij Dimensa opgezegd. De opzegging heeft uitwerking vanaf 1 januari 2027.
Er is een geldig en recent schattingsverslag. De waarde van de woning bedraagt volgens het schattingsverslag € 145.000.
Overeenkomstig artikel 293 van het decreet over het lokaal bestuur worden onroerende goederen van de gemeente altijd vervreemd volgens de principes van mededinging en transparantie, behalve als er een motivering wordt gegeven voor een afwijking daarvan.
Er zijn geen redenen om af te wijken van het principe van mededing en transparantie. De verkoop van het goed zal openbaar gebeuren.
| Art. 1: |
De woning Pontweg 89, kadastraal gekend als Gavere, 6e afdeling, sectie A, nr. 280/R, met naleving van de principes van mededinging en transparantie te koop aan te bieden. |
| Art. 2: |
De ontwerpakte (verkoopsvoorwaarden) met betrekking tot
goed te keuren, zoals gezien in bijlage. De minimale verkoopprijs bedraagt € 145.000. |
| Art. 3: |
Het vast bureau te gelasten met de uitvoering van de onderhavige beslissing. |
| Art. 4: |
De voorzitter en de algemeen directeur zullen de akte namens het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn ondertekenen. |
| Art. 5: |
Een afschrift van deze beslissing over te maken aan
|
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 161.
De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn stellen het gezamenlijk organogram van de diensten van de gemeente en van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn vast. Volgens de memorie van toelichting bij het decreet lokaal bestuur "komt het de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn toe om een gezamenlijk organogram van de diensten van zowel de gemeente als het OCMW vast te stellen, elk binnen het eigen bevoegdheidsdomein. Het begrip “gezamenlijk” staat voor een identiek voorstel. Dat betekent dat er twee besluiten over eenzelfde voorstel zullen worden genomen".
Het organogram geeft de organisatiestructuur van de diensten van de gemeente en van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn weer, duidt de gezagsverhoudingen en de functies aan waaraan het lidmaatschap van het managementteam is verbonden.
De algemeen directeur zorgt in overleg met het managementteam voor het voorontwerp van het organogram.
Het managementteam besprak het voorontwerp tijdens zijn vergadering van 26 mei 2026 en gaf een positief advies.
Het hoog overlegcomité besprak het ontwerp tijdens zijn vergadering van 1 juni 2026 en gaf een gunstig advies.
Het organogram werd op de volgende punten gewijzigd:
De personeelsformatie vermeldt het aantal betrekkingen per graad in voltijdse equivalenten en maakt een onderscheid tussen de statutaire betrekkingen en de contractuele betrekkingen.
De decreetgever heeft het begrip 'personeelsformatie' in het decreet lokaal bestuur niet hernomen wegens "niet (...) eigentijds en adequaat (...) voor de weergave van de reële personeelsbehoefte en voor het concrete personeelsbeheer". De decreetgever gaat evenwel uit van een vorm van personeelsplanning want hij meent dat "het organogram de vertaling is van het personeelsbehoefteplan dat onder meer het aantal betrekkingen per graad, een vermindering of vermeerdering van het aantal betrekkingen (de behoefte), het afschaffen en de omvorming van betrekkingen voor een welbepaalde dienst aangeeft. De concrete vaststelling van dit personeelsplan (PEP) is een beslissing tot vaststelling van de personeelsformatie als vermeld in artikel 11, §1, 1°,van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel". De geldende personeelsformaties van gemeente en OCMW zijn gebaseerd op een globaal personeelsbehoeftenplan dat daarna telkens incrementeel wordt bijgestuurd, zodat ze verder als instrument van personeelsplanning kunnen aangewend worden. We gebruiken voortaan de term personeelsomkadering.
De personeelsomkadering werd op de volgende punten gewijzigd:
De financiële effecten werden berekend op basis van de gemiddelde loonkost (gemiddelde van de 1e weddeschaal-trap 6 en de 3e weddeschaal-trap 27).
De financiële effecten op het meerjarenplan kunnen als volgt samengevat worden:
Het sectoraal akkoord voor het personeel van de lokale besturen 2026-2031 voorziet onder punt 2.3. van de koopkrachtmiddelen in een zogenaamde "bijkomende enveloppe":
De lokale besturen kennen bovenop de koopkrachtmaatregelen een enveloppe van 0,5% toe, waarvan:
• 0,25% in 2027
• 0,25% in 2029
Deze enveloppe kan besteed worden aan koopkrachtmaatregelen voor het personeel en om de dienstverlening te versterken of op peil te houden.
Besturen onderhandelen lokaal met de vakbonden over de concrete invulling van deze enveloppe.
De vooropgestelde maatregelen hebben een theoretische meerkost van € 123.699. Afgezet tegenover de gemeentelijke loonmassa van 2025 betekent dit een toename met 2,72 %, hetgeen ruimschoots de bijkomende enveloppe uit het sectoraal akkoord dekt.
| Art. 1: |
Het organogram vast te stellen, zoals gezien in bijlage. In het organogram de functies aan te duiden waaraan het stemgerechtigd lidmaatschap van het managementteam verbonden is. Het gaat in concreto om de volgende functies:
De burgemeester, of de schepen door hem aangewezen, maakt met raadgevende stem deel uit van het managementteam. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Art. 2: |
De personeelsomkadering als volgt vast te stellen:
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Art. 3: |
De uitdovende personeelsomkadering als volgt vast te stellen:
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Art. 4: |
Onderhavige beslissing treedt in werking op heden en vervangt integraal:
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Art. 5: |
De nodige aanpassingen van de personeelskredieten worden opgenomen in de eerstvolgende meerjarenplanaanpassing. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Art. 6: |
Een afschrift van deze beslissing over te maken aan de afdeling Interne Zaken (dienst Administratieve Organisatie en dienst Financiële Organisatie) en aan alle diensten. |
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 29.
OCMW-raadsbesluit van 20 januari 2025 houdende huishoudelijk reglement en deontologische code van de raad voor maatschappelijk welzijn (vervangen OCMW-raadsbesluit van 4 september 2023), artikel 26.
De briefwisseling gericht aan de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en die bestemd is voor de raad voor maatschappelijk welzijn, wordt meegedeeld aan de leden van de raad voor maatschappelijk welzijn.
De schriftelijke vragen aan de voorzitter van het vast bureau en aan het vast bureau worden ter kennisname voorgelegd aan de raad voor maatschappelijk welzijn.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 31.
OCMW-raadsbesluit van 20 januari 2025 houdende huishoudelijk reglement en deontologische code van de raad voor maatschappelijk welzijn (vervangen OCMW-raadsbesluit van 4 september 2023), artikel 26.
De leden van de raad voor maatschappelijk welzijn hebben het recht aan de voorzitter van het vast bureau en aan het vast bureau mondelinge vragen te stellen.
De voorzitter sluit de zitting op 22/06/2026 om 21:40.
Namens OCMW-raad,
Serge Ronsse
algemeen directeur
Wim Malfroot
voorzitter van de OCMW-raad